NCB 2.13 Betrouwbaarheid

Definitie: 

Betrouwbaarheid betekent opleveren wat is toegezegd, op de afgesproken tijd en conform de kwaliteit die in de projectspecificatie is overeengekomen.

Betrouwbaarheid wekt vertrouwen bij anderen die weten dat u zult nakomen wat u heeft beloofd. Betrouwbaarheid omvat verantwoordelijkheid, correct gedrag, degelijkheid en zelfverzekerdheid. Het houdt ook in het minimaliseren van fouten, openheid en consistentie. Betrouwbaarheid is een kenmerk dat belanghebbenden zeer waarderen. Betrouwbaarheid vergroot de kans op het bereiken van de doelen en motiveert alle mensen en groepen die bij het project betrokken zijn. Het stimuleert de teamleden tot zelfbeheersing en zelfvertrouwen. Op die manier zijn sommige barrières en tegenslagen die tijdens het projectproces voorkomen, te vermijden of gemakkelijker aan te pakken.

De competentie 2.13 Betrouwbaarheid omvat:

  • 2.13 Opbouwen betrouwbaarheid in een netwerk van betrokken partijen,
  • 2.13 Zeven Eigenschappen Effectief Leidinggeven,
  • 2.13 Persoonlijk time-management,
  • 2.13 Aspecten van betrouwbaarheid.

Mogelijke processtappen:

  1. Alles op orde hebben, goede planningstechnieken gebruiken en adequate communicatie met belanghebbenden onderhouden.
  2. Informatie verzamelen over de belangen van de diverse partijen die met het project verbonden zijn en het vaststellen van hun betrouwbaarheid op persoonlijk en werkniveau.
  3. Eerlijk zijn en openheid creëren met alle personen en groepsvertegenwoordigers die bij het project betrokken zijn, op basis van wederzijds respect.
  4. Ervoor zorgen dat alle sleutel figuren deelnemen aan het vinden van oplossingen of het plannen van een scenario.
  5. Risico's en kansen vaststellen en beoordelen, geschikte scenario's en acties vaststellen en de consequenties in het projectplan opnemen.
  6. Overeenstemming bereiken over de oplossing en/of het herziene plan.
  7. Het werk systematisch laten uitvoeren en managen
  8. Adequaat communiceren en terugkoppeling geven van de leerpunten.